10 aug 2012

Wat een zooitje!

Zunke
Wat een zooitje!

Zunke is van binnen soms niet ouder dan een kind van vier jaar en als ze de zon voelt, spreekt ze weer net als toen. Over de dingen. Dit keer raakt ze in de ban van extreme verzamelaars die hun huis tot de nok vullen met allerlei rommel.

 

Als ik eerlijk ben heb ik het wel gehad met reality-televisie. Toch moet ik bekennen dat ik sinds kort een uitzondering maak. Enkele weken geleden viel ik bij het zappen ineens op een programma over 'hamsteraars.' Of laat ik zeggen: 'hoarders,' want het betrof een Amerikaanse reeks over extreme verzamelaars van ... nou ja: zo'n beetje alles.

De 'hoarders' stapelen allerlei spullen in hun huis tot er geen doorkomen meer aan is. Familie, kinderen en vrienden blijven weg. Vaak zijn zij zelfs niet op de hoogte van wat er zich achter de muren van vader, moeder, broer of vriend(in) afspeelt.

Zo was ik er getuige van hoe een verder best wel deftige dame met een goede baan 's avonds thuiskwam in een huis waar je nog amper van A naar B kon lopen zonder je benen te breken. De vrouw was al lange tijd een verwoed verzamelaar van allerlei spullen. Die spullen leken in de ogen van de toeschouwer, zoals ikzelf, volkomen nutteloos. Voor de dame betekenden ze echter alles.

Veel spullen die deze dame had aangeschaft, waren gekocht onder het voorwendsel 'dat ga ik ooit écht nodig hebben,' wat dus zelden of nooit het geval was. Toch bleef ze maar stapelen én nieuwe spullen kopen. Die werden inmiddels in enkele gehuurde garageboxen gestockeerd, want thuis was er geen plaats meer voor. Wat mij vooral opviel was dat de vrouw in kwestie helemaal niet paste in dat wanordelijke huis. Terwijl haar huis een zwijnenstal was, ging zijzelf elke dag de deur uit als een deftige dame.

Paniek
Ik bleef aan het televisietoestel plakken. Het meest frappante vind ik namelijk het moment dat deze mensen met professionele hulp afstand proberen te doen van hun spullen. Zo raakte de dame helemaal in paniek toen ze moest beslissen of ze een bepaalde schaal, waar ze overigens nog tientallen exemplaren van bezat, in de vuilnisbak zou gooien of niet. Het zweet brak haar uit. De professionele 'hoarder'-coach knikte begrijpend en de beslissing over het al dan niet weggooien van de schaal werd uitgesteld. De opluchting op het gezicht van de vrouw was groot, alsof alle gevaar nu was geweken.

Hoewel het programma niet heel erg diep graaft naar de oorzaken van extreem hamsteren, wordt er wel even een korte voorgeschiedenis geschetst in een poging de oorzaak te achterhalen. Zo heeft een andere vrouw als kind ooit een trauma meegemaakt dat volgens haarzelf aan de basis ligt van haar latere verzamelwoede.

Deze vrouw was namelijk opgevoed door een nare tante die op een bepaald moment al haar spullen had verbrand: uit pure gemenigheid. Hierdoor besliste ze om zich als volwassene te omringen met zoveel mogelijk spullen. Niemand zou haar ooit nog haar spullen ontnemen. Integendeel. Dit tot pure wanhoop van haar man en kinderen. In het bijzijn van haar gezin biechtte ze het traumatische voorval voor het eerst op.

Een onderdeel van het programma is dat familieleden of vrienden - die in de meeste gevallen al jaren geen voet meer over de drempel hebben gezet - een kijkje komen nemen om te zien hoe ernstig het gesteld is. Zo ben ik er getuige van hoe een dochter na jaren aarzelend het ouderlijk huis betreedt. De laatste keer dat ze dat had gedaan, was het al een enorme bende door de extreme verzamelwoede van haar moeder. Het is er sindsdien niet op verbeterd. Met open mond stapt de dochter over de rommel in het huis waar ze is opgegroeid en als kind zo gelukkig is gweest. In die tijd was het namelijk altijd gezellig en netjes.

Terwijl ma in tranen uitbarst en zich schaamt over al die rommel, geeft de dochter haar na afloop een dikke knuffel. Ze belooft haar moeder te helpen. De zoon, die ook wordt geïnterviewd, is minder begripvol. Zolang het bij zijn ouders thuis 'zo'n gore bende is, zet hij geen stap meer over de drempel.' Zelf is hij namelijk heel netjes en ordelijk en hij vindt het allemaal ... tja: erg onhygiënisch.

Diogenes-syndroom
Hoewel er pas de laatste jaren aandacht is voor extreme verzamelwoede ontdek ik op Wikipedia dat er al sinds 1975 een naam is voor deze aandoening: Diogenes-syndroom. Volgens de omschrijving gaat het om 'een verzamelwoede, waarbij de woning systematisch wordt volgestouwd met volstrekt 'onbruikbare rotzooi', zodanig dat de woning op een gegeven moment tijdelijk onbewoonbaar dreigt te moeten worden verklaard.'

Verder lees ik ook dat een hamsteraar vaak 'een bovengemiddeld intelligentie-niveau heeft,' maar ook is er sprake van een 'steevaste weigering van alle soorten van goedbedoelde hulp; ook weigering van professionele hulp; een hardnekkige en consequente zorgweigering.'

Dat laatste bevestigen ook de makers van het programma 'Hoarders.' Meer dan eens worden opnames gestaakt omdat de hamsteraar uiteindelijk geen afstand kan doen van zijn of haar spullen. Dat is namelijk wél het doel: aan het einde van de uitzending is het altijd netjes, of toch netter, en komen familie en vrienden op bezoek. Iedereen is gelukkig(er).

Gisteren was er weer een nieuwe aflevering. Vader en zoon en - ik kan het niet anders zeggen - een heks van een moeder trekken mijn aandacht. Eerst zie ik hoe de zoon zich een weg wurmt naar zijn kamer die tot de nok is gevuld met allerlei rommel. Op een tafel ergens in het midden staat zijn computer. "Dit is de enige plek in huis waar ik mij nog een beetje kan terugtrekken," zegt hij met een triest gezicht.

That's the end of it
De ouders van de jongeman zijn al sinds mensenheugenis een koppel, maar van enige liefde is geen sprake meer. Ze doen niets anders dan bekvechten. Met name de echtgenoot steekt niet onder stoelen of banken dat hij intussen een gloeiende hekel heeft aan zijn vrouw. Die hamstert niet alleen tegen de sterren op, maar tiranniseert vader en zoon ook dagelijks. Niets in huis mag zonder haar toestemming worden verplaatst. Het zijn haar spullen en that's the end of it.

Het is inderdaad geen al te aardige dame, zo stel ik vast. Na een gesprek - waarbij een neutrale psychiater alle partijen weer met elkaar probeert te verzoenen - is te zien hoe de vrouw haar eerste stappen zet bij het opruimen van haar rommel. Dat verloopt niet al te best. Na vijf minuten weigert ze zich al van haar spullen te ontdoen. Je ziet haar op slag veranderen in een tirannieke tante die alles en iedereen de schuld geeft van haar problemen en weigert mee te werken.

Het dieptepunt is als ze zelf beslist om een kapotte magnetron weg te gooien en haar man vraagt om het grote geval naar buiten te dragen. In een mum van tijd scheldt ze hem de huid vol. Haar echtgenoot haalt het namelijk in zijn hoofd haalt om de magnetron op te pakken, terwijl zij hem daar nog geen enkele toestemming voor heeft gegeven. Zuchtend zet hij het geval weer op zijn plaats.

Dit komt nooit meer goed, denk ik. Toch zie ik niet veel later ineens een beeld van een redelijk netjes huis en drie tevreden mensen: vrouw, man en zoon zitten voor het eerst sinds jaren weer samen aan tafel. Het huis is redelijk netjes. Als slotzin horen we de dame verklaren: "Het was zo'n opluchting om al die rommel weg te doen." Na enkele afleveringen heb ik een ding goed begrepen: 'hoarders' kunnen niet 'loslaten.' En dan slaat niet alleen op hun spullen.

Gefascineerd
Begrijp mij niet verkeerd. Ik veroordeel de verzamelaars niet: iedereen doet in zijn eigen huis wat hij of zij wil. Ik lach ze ook niet uit. Uitlach-televisie is aan mij niet besteed. Ik ben vooral enorm gefascineerd.

Wat ik als kijker het liefst wil zien, is hoe de verzamelaar uiteindelijk afstand doet van het overgrote deel van al die rommel en in de slotscène een stuk gelukkiger is in een opgeruimd en leefbaar huis. Met een zucht zet ik daarna de televisie uit. Eind goed, al goed.

Toch betwijfel ik of deze mensen, na vertrek van televisieploeg en professionele coach, niet hervallen. En als ik heel eerlijk ben, is het natuurlijk ongelofelijk dat deze mensen worden gefilmd ter vermaak van ... onder andere mij.

Het zet mij wel aan het denken. Volgens mij heeft iedereen wel last van een of andere verzamelwoede. Ikzelf kan bijvoorbeeld maar met moeite afstand doen van schoenen die ik nog amper - of zelfs nooit meer - draag. Door de vele verhuizingen in mijn jonge jaren houd ik verder krampachtig vast aan allerhande schriftjes en kindertekeningen die getuigen van een jeugd op meer scholen dan ik kan tellen op een hand.

Het is mijn manier om te verdoezelen dat ik geen 'roots' heb. Ik heb die schriftjes nodig om mij eraan te herinneren dat ik een jeugd heb gehad die niet verbonden is aan een plaats, maar in mijn geval is samengeperst in een grote doos.

Nu ik er zo over nadenk. Morgen wordt het oud papier opgehaald. Weet je wat? Ik ga nu nog die kast met schriftjes en tekeningen uitmesten.

Het wordt tijd om eens afstand te doen en los te laten.

Zunke

Het Amerikaanse Institute of Living onderwierp onlangs 43 hoarders onlangs aan een langdurig onderzoek. Tijdens het scannen van de hersenen kregen de dwangverzamelaars foto's te zien. Soms was de troep van de onderzoekers, soms waren het spullen van de hoarders zelf. Na het zien van de foto's werd gevraagd of de spullen weggegooid moesten worden. Bij de spullen van de onderzoekers vertoonden de hersens van hoarders geen abnormale signalen, maar bij het zien van hun eigen spullen piekte de hersenactiviteit. Vooral de insula, twee delen van de hersens die complexe emoties produceren, werden op dat moment zeer actief. Om dergelijke heftige en ook pijnlijke emoties te vermijden en omdat hoarders niet kunnen beslissen wat ze wel en wat niet zullen weggooien, gooien hoarders uiteindelijk niets weg. Op die manier vermijden ze het intense verdriet als ze afstand moeten doen van hun spullen. Interviews met de hoarders bevestigden deze conclusie. Hoe de aandoening ontstaat is nog steeds onbekend, aldus de onderzoekers in het vakblad Archives of General Psychiatry.

Reacties (3)

  • 10 aug 2012 10:20
    Isabella

    Hoi Zunke,

    Als ik naar zo'n programma kijk, dan kan ik me even goedvoelen. Oef, zo erg is het gelukkig niet bij mij, hihi!
    Maar ik moet eerlijk toegeven, ik spaar(de) ook wel tafelservies voor mijn pensioenjaren ;)
    Verleden week heb ik nog eens de kringloopwinkel laten komen. En... het was meer dan nodig.
    Mijn buurvrouw vertelde me dat alles wat in haar keuken staat, ze ook daadwerkelijk gebruikt.
    Oei... ben toen meteen mijn keuken gaan uitmesten en heb een en ander (waarvan ik niet eens meer wist dat ik dat had) weggegeven.

    Wat ik moeilijk vind om weg te doen, zijn mijn boeken. Maar aangezien ik een onverzadigbare boekenhonger heb, moet ik er af en toe wel afstand van doen.

    Antwoorden
  • 10 aug 2012 16:08
    ziezozon

    Beste Isabella,

    Op tijd en stond opruimen is een opluchting, nietwaar?

    Mijn grootmoeder zei altijd: als je iets een half jaar niet hebt gebruikt, heb je het eigenlijk niet nodig.

    Zelf verhuis ik om de paar jaar: ook een manier om af en toe flink op te ruimen...

    Zunke

    Antwoorden
  • 12 aug 2012 23:01
    Gerda

    Opruimen, dat woord gebruik ik elke dag,en dan ruim ik ook op, maar weg doen is een ander woord. toch ben ik begonnen met van alles en nog wat weg te doen, maar dan zo dat ik er spas aan heb, zo heb ik me een vergunning gaan halen (gratis)op het gemeente huis (in belgie verplicht) om garage verkoop te mogen doen. en dat is het begin van een oplossing, het loopt niet storm, maar het lucht wel op als er weer iets verkocht is. ( 0,50 - 1,00- 2,00 ) en de afspraak met kinderen en kleinkinderen is om met de centen iets leuks te doen, zo leer ik hun ook om op tijd te beginnen met opruimen en wegdoen. En het werkt ook nog, toch leuk om het samen te doen. Gerda

    Antwoorden
 

Reageren

  • HTML niet toegestaan. URL's worden automatisch clickable.
    * E-mail adres wordt niet getoond